| [Startpagina :: Van Mensen en Dingen :: Lievevrouw Lodewijk :: Deze pagina] |
Jacquemyns Pol |
Drogenbos 13 november 1896 - Boechout 9 september 1977
IN MEMORIAM
Wellicht heeft geen heem- of volkskundig tijdschrift het als een plicht beschouwd een korte of langere bijdrage te wijden aan de verdienstelijke, volkse sportjournalist en auteur. Op een morgen verneem je het bericht, dat hij overleden is. Er flitst een titel door het hoofd : Ik heb mensen gekend (1).
Flarden uit het boek hangen in je geheugen : Meester Jacobs. We beschouwen het als onze plicht enkele zinnen aan te halen : (p. 27-29) Wie half gewassen of ongewassen naar school durfde komen, stopte hij met zijn hoofd in een emmer water... Sommigen verweerden zich als een duivel in het wijwatervat. maar gedoopt werden ze andermaal... Ook daar ligt 'n beeld van Arm Vlaanderen van tientallen jaren terug.
Zijn gestrengheid was maar schijn. Veeleer dan liet aan-de-deur-zingen niet Kerstmis, nieuwjaar, Driekoningen en andere feestdagen tegen te werken, moedigde meester Jacobs dit gebruik aan. Nooit liet hij ons na bij voorbaat de levieten te lezen : Zingt maar gerust aan de huizen, maar doet het goed. Eén liedje voluit en dan nog een tweede om te bedanken voor de eventuele gift. Zó en niet anders hoor, want ik zal komen luisteren. Dat deed hij warempel... al moest hij zich achter een boom of een schuur verschuilen.
Hij schreef over Straatvoetbal, van straatjongens die slechts één hal hadden en niet meer konden spelen, zodra de bal in het water terechtkwam, want het plein lag naast een kronkel van de Zenne. (blz. 32-36). Dat boek zit volgepropt met flitsen en anekdoten uit het levend volkskleven van de vorige generatie.
Hij schreef o.a. "Hoe ik voetbal zie. Onze voetbalfiguren. Voetballers van heden" (2). Zijn naam blijft verbonden voor degenen die zullen handelen over spel en sport in een ruim deel van onze eeuw : in hoofdzaak voetbalspelers en duivenmelkers. Hij was een bescheiden man, veel te bescheiden die zich nooit gelegen heeft gelaten aan lof en andere betuigingen. We hebben een klein tikje onze plicht gekweten en hopen, dat deskundigen hij een passende gelegenheid zijn zin voor volksopleiding en zijn wijzen op volkse waarden waarachtig belichten.
RENAAT VAN DER LINDEN
(2) Antwerpen, 1946. Brussel, 1942. Brussel, 1943.
Oost-Vlaamse Zanten LIII - 1978 - 1 p36
|
Laatst bewerkt op: 06.05.07 door Adrien
|

12 Sep